Dit toernooi wordt gespeeld onder auspiciën van de KNVB.
Het speelveld heeft een lengte van 35 meter en een breedte van 20 meter.
Outdoor soccer V.V. Spui wordt op gras gespeeld.
Voetbalschoenen met afschroefbare stalen pinnen zijn verboden.
Soccer wordt gespeeld op voetbalschoenen met VASTE noppen, kunstgrasschoenen of zaalsport schoenen.
SCHEENBESCHERMERS zijn verplicht.
Voor ALLE verloren spullen/voorwerpen is de toernooi organisatie NIET verantwoordelijk. AFBAKENING
a. Het speelveld is in overeenstemming met de plattegrond,
(afgebakend met een boarding van l .22 meter hoog
b. In het midden van het speelveld bevindt zich de middenstip
voor het nemen van de aftrap bij het begin van de wedstrijd.
c. Er wordt met f-pupillen doelen gespeeld.
II. HET DOELGEBIED
Op elke helft van het speelveld wordt evenwijdig aan de doellijn op een afstand van 6 meter voor het midden van het doel een lijn getrokken van 3 meter lengte, die aan de uiteinden door kwartcirkels is verbonden. De aldus begrensde gebieden heten doelgebieden. Binnen dit gebied mag de doelverdediger van de verdedigende partij de bal met de hand spelen.

III. HET STRAFSCHOPGEBIED Omschrijving vervalt.
Hiervoor te lezen dezelfde omschrijving als het doelgebied. Dit gebied heet doelstrafschopgebied. Een indirecte vrije schop gegeven binnen dit gebied wordt genomen vanaf de begrenzende stippellijn.
IV. DE BAL
Er wordt gespeeld met een bal nummer 4.
V. AANTAL SPELERS
a. Elk team (senioren) bestaat uit een doelverdediger en 4 veldspelers en maximaal 5 wisselspelers. (Elk jeugdteam bestaat uit een doelverdediger en 5 veldspelers).
b. Een speler mag op elk moment op de daarvoor aangegeven plaats gewisseld worden. De wisselspeler mag worden ingezet, zodra de te vervangen als de te wisselen speler het speelveld heeft verlaten.
c. Het foutief wisselen wordt bestraft met een indirecte vrije schop vanaf de middenstip.
d. Eén van de spelers van het team moet als aanvoerder worden aangewezen en herkenbaar zijn aan het dragen van een band om de rechterbovenarm, in kleur afwijkend van de kleur van het kostuum.
VI.SPEELGERECHTIGHEID
a. Gerechtigd zijn uit te komen de spelers die ook gerechtigd zijn uit te komen in de competitie veldvoetbal voor de betreffende club.
b. Spelers die zijn uitgesloten voor een bepaald aantal wedstrijden in het veldvoetbal mogen OUTDOOR SOCCER SPUI.
c. De deelnemende teams bij het D1+C 1 jeugdtoernooi dienen te bestaan uit spelers welke volgens de KNVB-normen Ie of 2e jaars C- Junior zijn. Eerste jaars B-junioren of gedispenseerde zijn UITGESLOTEN van deelname. De leiders/trainers van de deelnemende teams dienen bij aankomst een spelerslijst in te leveren met daarop de namen, geboortedata, KNVB-lidnummers en de KNVB spelerspassen van de spelers.
Overtreding van de leeftijdsgrenzen kan leiden tot diskwalificatie. De organisatie kan leiders/trainers aanspreken op leeftijdsovertredingen met gelijktijdig verzoek tot uitsluiting van betrokken speler(s).
VII. UITRUSTING VAN SPELERS
a. Elke deelnemende club komt uit in de uitrusting die is vastgelegd in het adresboek van de KNVB.
b. De doelverdediger moet zich in zijn kleding onderscheiden van de overige spelers (met uitzondering van de doelverdediger van de tegenpartij en de scheidsrechter).
c. De in het programma eerstgenoemde club wordt geacht de thuisclub te zijn. Dit betekent dat de andere partij in reservekleding moet spelen als de shirts teveel gelijkenis vertonen.
d. Elke club mag uitkomen in kleding, waarop reclametekst voorkomt, waarbij de gebruikelijke normen in acht moeten worden genomen.
e. HERHALING:De spelers mogen slechts schoeisel dragen, dat voor het soccer gebruik op het veld is toegestaan, dus voetbal schoenen met vaste noppen, kunstgras schoenen of zaalsportschoenen. (GEEN STALEN PINNEN).
VIII. DE SCHEIDSRECHTER
a. De wedstrijden worden geleid door KNVB scheidsrechters.
b. Eén scheidsrechter fungeert in het speelveld, een tweede scheidsrechter behoudt toezicht op het juist wisselen en de tijdstraffen. Bovendien houdt hij de stand en corners/shoot out bij.
c. Tegen scheidsrechterlijke beslissingen kunnen geen protesten worden ingediend.
d. De scheidsrechter heeft de volgende machtsmiddelen:
* Het geven van direkte en indirecte vrije schoppen.;
* Het geven van een vermaning;
* Het tijdelijk verwijderen van spelers (2 minuten);
* Het definitief verwijderen van spelers, trainer/coach, leider en verzorger;
* Het tijdelijk of definitief staken van de wedstrijd.
IX. DE DUUR VAN HET SPEL
Een wedstrijd duurt; zie wedstrijdschema. De wedstrijd begint bij het beginsignaal van de scheidsrechter en eindigt ook op het signaal van de scheidsrechter.
X. BEGIN VAN HET SPEL
a. Het eerst in het programma genoemde team neemt de beginschop en verdedigt het doel links van de boarding deur.
b. Indien een doelpunt is gescoord, wordt het spel DIRECT door de doelverdediger hervat, hetzij door een doelschop, hetzij door een doelworp.
XI. HOE WORDT EEN DOELPUNT VERKREGEN
a. Een doelpunt is behaald, zodra een volgens de regels
gespeelde bal het doelvlak volledig is gepasseerd,
b. Een geldig doelpunt kan worden gescoord van uit het gehele
veld.
c. Winnaar is het team, dat de meeste doelpunten heeft gescoord. Indien geen doelpunt of door ieder team een gelijk aantal doelpunten is behaald, eindigt de wedstrijd in een gelijk spel.
Winnaar krijgt 3 punten, verliezer 0 punten en bij gelijk spel beide teams 1 punt per wedstrijd WEL deelnemen aan het.
d. Indien de doelverdediger, vanuit zijn eigen doelgebied, terwijl de bal in het spel is, de bal werpt in het doel van de tegenstander, is het geen geldig doelpunt en dient het spel te worden hervat met een doelworp/doelschop.
e. Mocht een speler de bal vanuit een vrije schop rechtstreeks in zijn eigen doel plaatsen dan mag de scheidsrechter geen doelpunt toekennen, maar moet de scheidsrechter een hoekschop meetellen en doorgeven aan de 2e scheidsrechter.
Uit de beginschop c.q. intrap kan niet rechtstreeks gedoelpunt worden. Indien de bal rechtstreeks in eigen doel gaat moet de scheidsrechter een hoekschop meetellen en doorgeven aan de 2e scheidsrechter. En als de bal In het doel van de tegenpartij gaat; met een doelworp.
XII. BUITENSPEL
De buitenspel regel is niet van toepassing.
XIII. OVERTREDINGEN EN WANGEDRAG Een speler kan door de scheidsrechter voor 2 minuten van het speelveld worden gezonden, indien hij één van de onderstaande overtredingen begaat:
* Vasthouden van een tegenstander.
* Onbehoorlijk gedrag t.o.v. de scheidsrechter.
* Het wegtrappen of wegwerpen van de bal nadat er gefloten is.
* Het onvoldoende afstand nemen bij vrije schoppen.
* Tijdrekken.
* Het opzettelijk ten val brengen van een tegenstander.
* Speler opzettelijk tegen de boarding gooien.
* Opzettelijk hands.
* Vasthouden aan de boarding.
* Spelbederf.
* Indien een keeper bij het nemen van een Shoot-out een overtreding maakt wordt de shoot-out overgenomen.
* Als de keeper een zware fout maakt bijv. zwaar onderuithalen van de tegenstander of hands buiten het strafschop gebied dan krijgt de keeper 2 minuten en geld de 2 minuten regel.
Bij GELIJKE STAND op het eind van de poules wedstrijden/ halve competitie. Geld dan NIET de 2 minuten maar wel dat de keeper terug mag komen zodra er een geldig tegen doelpunt is gescoord. Dus na een GESCOORDE SHOOT OUT.
Een 2 minutenstraf kan per wedstrijd meermalen worden
toegepast op dezelfde speler zonder verdere consequenties.
Een speler die voor 2 minuten van het veld is gezonden, kan
het veld weer betreden:
a. als de 2 minuten verstreken zijn;
b. als de tegenpartij een doelpunt scoort.
Een speler kan definitief van het veld worden gezonden, indien hij één van de volgende overtredingen begaat:
* Ruw of gemeen spel.
* Het bedreigen van een tegenstander c.q. scheidsrechter of andere personen of anderen van de organisatie van het toernooi.
Een speler wordt definitief van het speelveld gezonden en wordt uitgesloten voor 3 achtereenvolgende wedstrijden van het toernooi, indien hij één van de volgende overtredingen begaat:
* Trappen of slaan naar of van een tegenstander.
* Spuwen naar of van een tegenstander;
* Toedienen van een elleboog - , kop- of kniestoot bij een tegenstander;
* Beledigen van de scheidsrechter o.a ziektes en dergelijke.
* Andere vormen van wangedrag (zie richtlijnen Tuchtrechtspraak).
Indien een speler gewelddadig optreedt t.o.v. de scheidsrechter, dan wel deze bedreigt, wordt hij voor verdere deelname aan het toernooi uitgesloten, terwijl voorts de zaak ter beoordeling wordt voorgelegd aan de Tuchtcommissie Amateurvoetbal van de KNVB. Dit kan gevolgen consequenties hebben voor de competities veldvoetbal.
XIV. DE STRAFSCHOP
De Strafschop is een shoot-out wordt uitgevoerd vanaf de middellijn.
Met uitzondering van de doelverdediger, die zich op de doellijn moet bevinden, moeten alle spelers, met uitzondering van de nemer van de shoot-out, zich achter de middenstip bevinden.
XV. DE VRIJE SCHOP
Hiervoor zijn van toepassing de spelregels veldvoetbal met uitzondering, dat de afstand tot de bal voor de tegenstander 5 METER bedraagt.
XVI. DE INWORP
Gaat de bal in z'n geheel over de boarding uit het speelveld, dan wordt het spel hervat met een inworp door de tegenpartij, daar waar de bal het speelveld verliet. De inworp mag alleen ONDERHANDS worden uitgevoerd.(dus ook rollen).
XVII. DE DOELSCHOP OF DOELWORP Indien de bal in z'n geheel over de achterlijn en over de boarding gaat en de bal is het laatst gespeeld of aangeraakt door een speler van de aanvallende partij, dan wordt het spel hervat met een doelworp/schop door de doelverdediger vanaf een willekeurig punt binnen het deelgebied. Deze mag zowel boven- als onderhands worden genomen. Keeper kan hieruit NIET scoren.
XVIII. DE HOEKSCHOP
Indien de bal in z'n geheel over de doellijn en de boarding gaat en de bal het laatst is gespeeld of aangeraakt door een speler van de verdedigende partij. Behalve als er sprake is van een geldig doelpunt. De hoekschop wordt NIET genomen, maar door de scheidsrechter doorgegeven aan de 2e scheidsrechter . Bij het verkrijgen van de 3e hoekschop mag het team 1 speler aanwijzen die een SHOOT_OUT mag nemen. Zie SHOOT_OUT. Keeper hervat het spel met de DOELWORP/DOELSCHOP.
XIX. DE WISSELBANK
De wisselspelers bevinden zich op een bank buiten de
Boarding. Een speler die voor 2 minuten van het veld is
gezonden, neemt plaats bij de tweede scheidsrechter.
XX. SHOOT-OUT
De shoot-out betekent dat de speler start met de bal vanaf de middenstip. Hij gaat op het doel af en moet binnen 7 seconden scoren. (kan dus ook nog in 2e instantie, zolang er maar gescoord wordt binnen 7 sec.) Indien de keeper naar de benen duikt dan wel tackelt BINNEN het doelgebied, dan krijgt hij 2 minuten en moet de Shoot-out overnieuw worden genomen. Keeper mag de bal niet buiten de zwarte cirkel met de hand raken. Alle spelers BEHALVE de KEEPER en de NEMER van de shoot-out bevinden zich achter de middellijn.
XXI. COMPETITIE.
Er wordt gespeeld in een HALVE COMPETITIE of in 2 poules. Indien er op het eind van het toernooi teams gelijk zijn geëindigd. Word de plaatsing beslist door Shoot-outs te nemen. Door 5 verschillende spelers van ieder team. Winnaar is de ploeg die van de 5 Shoot-outs de meeste scoort. Is de stand na 5 Shoot-outs nog gelijk, gaan het verder met Shoot-outs, maar dan om en om; en ANDERE spelers als de eerste 5, totdat alle spelers van het team zijn geweest. Dan komt de 1e weer aan de beurt. De verliezer is dan diegene die mist en de winnaar diegene die scoort in dezelfde ronde.
Gelijke stand is: Totale punten gelijk en doelsaldo gelijk.
XXII. OVERIGEN
1).Voor alle zaken die niet in de bovenstaande spelregels zijn vastgelegd, Gelden de regels die van kracht zijn voor de competitie veldvoetbal en beslist de organisatie.
2).ZAALVOETBAL REGELS zijn van toepassing. Met uitzondering van TERUG SPEELBAL. Deze mag te allen tijde. Alleen mag NIET in de handen worden gepakt door de keeper.
Wel geldt GEEN SCHOUDERDUW en GEEN SLYDINGS met daarbij duel met tegenstander. Dus WEL SLYDING ZONDER tegenstander in de buurt.
DEZE SPELREGELS HEEFT IEDERE SPELER/LEIDER/TRAINER vooraf gekregen en kunnen lezen.
DISCUSIE uitgesloten. Reglementen zijn ook nog te lezen AAN de BOARDING.
|